Suïcide en suïcidaliteit
Nabestaanden na zelfdoding
Duizenden nabestaanden
Zelfdoding in de directe omgeving is een ingrijpende en schokkende gebeurtenis. Je blijft als familie, vrienden, collega’s en andere betrokkenen in verbijstering en vol ongeloof achter.
Zelfdoding kan onverwacht zijn, maar ook (enigszins) voorzien, bijvoorbeeld wanneer iemand eerder een poging deed of al lang depressief was. Maar de klap na zelfdoding van een dierbare komt bijna altijd keihard aan.
De vragen: ‘Hoe kon dit gebeuren en waarom?’ zijn allesoverheersend en kunnen je lang bezighouden en je leven beïnvloeden. Daarbij is de zelfgekozen dood nog steeds een taboe waar mensen lang niet altijd open over kunnen praten; dit kan het rouwproces bemoeilijken en nabestaanden in een sociaal isolement brengen. In Nederland beëindigen jaarlijks ongeveer 1500 mensen zelf hun leven. De nabestaanden zijn met duizenden …
Vragen en gevoelens
Als iemand om wie je geeft overlijdt door zelfdoding komen er naast verdriet meestal nog andere vragen en - vaak tegenstrijdige - gevoelens bij. Dat kan verwarrend zijn, maar het is goed om te weten dat dit heel normaal is en deze gevoelens erbij horen:
- Het ‘waarom’ van de zelfdoding is de belangrijkste vraag voor nabestaanden. Je wil deze daad van een dierbare kunnen begrijpen en gaat op zoek naar het antwoord. In een afscheidsbrief, door te praten met mensen uit de omgeving van de overledene, door over zelfdoding te lezen. Meestal is er geen eenduidig antwoord te vinden.
- Schuldgevoel komt veel voor bij rouwverwerking na zelfdoding. ‘Waarom zag ik het niet aankomen, ik had het moeten voorkomen, ik ben tekortgeschoten, het is ook mijn schuld’ en andere (zelf)verwijten kunnen zich opdringen.
- Boosheid; op de overledene die er zomaar tussenuit knijpt (je kunt bijvoorbeeld als kind van een door suïcide overleden ouder denken: was ik niet belangrijk genoeg om voor te blijven leven?). Maar ook op jezelf, op familieleden en vrienden die niet goed hebben opgelet en op hulpverleners die in jouw ogen gefaald hebben.
- Het lijkt misschien tegenstrijdig, maar je kunt naast verdrietig ook opgelucht zijn omdat aan het lijden - en aan de angst en de zorgen over iemand - een einde is gekomen.
- Nabestaanden kunnen zich (te) sterk inleven in de situatie en gevoelens van de overledene en daardoor op de gedachte komen misschien ook beter af te zijn met de dood.
Hulp en steun voor nabestaanden
Verwerking van het verlies van een dierbare na zelfdoding is vaak een langdurig en ingewikkeld proces. Je kunt je als nabestaande alleen voelen staan met je gevoelens van rouw; mensen in de omgeving blijven weg, verzwijgen het onderwerp of reageren - meestal uit onwetendheid, onvermogen of angst -onbeholpen of zelfs afwijzend. Het kan ook zijn dat je het zelf moeilijk vindt om erover te praten. Uit schaamte voor de zelfdoding vermijd je contact met anderen of verdoezel je de doodsoorzaak. Deze reacties vergroten de kans op isolement en het ontwikkelen van een depressie. Probeer zo open en eerlijk mogelijk te zijn en ga het gesprek niet uit de weg. Troost en steun van anderen is juist in deze situatie zo nodig!
Als het niet lukt om er met mensen uit de omgeving over te praten en je je ellendig blijft voelen, is het belangrijk professionele hulp te zoeken. De huisarts kan doorverwijzen naar een psycholoog of een andere hulpverlener.
Er zijn ook praatgroepen; naast professionele begeleiding en hulp gericht op de specifieke vragen en problemen die samenhangen met zelfdoding is hier de mogelijkheid van lotgenotencontact: mensen die je problemen en gevoelens (h)erkennen en met wie je vrijuit kunt praten omdat het taboe van zelfdoding in zo’n groep geen rol speelt.
Voor hulp, advies en informatie,
Bel, mail of chat met Korrelatie.