Persoonlijkheidsstoornissen (Algemeen)

Typering
Iedereen heeft karakteristieke eigenschappen, de combinatie daarvan vormt iemands persoonlijkheid. Soms is er sprake van een persoonlijkheidsstoornis. Bij een persoonlijkheidsstoornis is het gehele gedrag, en niet een enkele karaktertrek, zo uitgesproken, dat iemands functioneren er danig door beïnvloed wordt. Problemen doen zich op allerlei terreinen voor: mislukkingen in het werk, stuklopende relaties, het moeilijk kunnen opbouwen van een vriendenkring en zich moeilijk kunnen aanpassen. Vaak vinden anderen de gedragingen, gedachten en gevoelens extreem en ondervindt de omgeving hinder van het gedrag.

Kenmerken
De persoonlijkheidsstoornis kenmerkt zich door een duurzaam en star patroon van nogal afwijkende gedragingen en innerlijke ervaringen. Iemand met een persoonlijkheidsstoornis functioneert daardoor in sociale contacten en op het werk matig tot slecht. Een persoonlijkheidsstoornis omvat dus niet één aspect van het gedrag, maar het totale gedrag. De karaktertrekken hebben zich bij iemand al vanaf de jeugd ontwikkeld. En het is egosyntoon. Dat betekent, dat het eigen gedrag wordt beleeft als normaal en bij zichzelf horend. Dit leidt ertoe dat veel mensen de persoonlijkheidsstoornis niet bij zichzelf opmerken. Dat is ook een belangrijke reden waarom men meestal niet zichzelf, maar de omgeving probeert aan te passen.

Als mensen met een persoonlijkheidsstoornis een omgeving kiezen, die bij de eigen persoonlijkheid past, kunnen zij waarschijnlijk bevredigend functioneren. De persoonlijkheidsstoornis valt dan niet zo op en wordt als minder ernstig beschouwd. Iemand die bijvoorbeeld heel precies en nauwkeurig is, kan goed tot zijn of haar recht komen in een beroep als chemisch analist. Kies je in dit geval voor een beroep als aannemer, waar totaaloverzicht heel belangrijk is, waar je met veel mensen te maken krijgt en waar zich rommelige situaties voordoen, dan kan dit tot serieuze problemen leiden.

Binnen de psychiatrie worden in totaal 10 persoonlijkheidsstoornissen onderscheiden (zie hierna), die in drie clusters zijn ondergebracht.
- Cluster A: de paranoïde, schizoïde en schizotypische persoonlijkheidsstoornis.

- Cluster B: hiertoe behoren vooral problemen die te maken hebben met impulsiviteit en affectiviteit: De antisociale, de borderline, de theatrale en de narcistische persoonlijkheidsstoornis.

- Cluster C: de groep angstige en vreesachtige persoonlijkheidsstoornissen die weer is onder te verdelen in drie stoornissen, namelijk de vermijdende, de afhankelijke en de dwangmatige persoonlijkheidsstoornis.

Deze drie clusters worden alle uitgebreid besproken in aparte dossiers.

Ontstaan
Hoe persoonlijkheidsstoornissen precies ontstaan, is niet bekend. De volgende factoren blijken vaak een rol te spelen:
- Biologische factoren. Bijvoorbeeld erfelijke aanleg. De helft van de persoonlijkheidskenmerken van mensen is erfelijk bepaald. Emotionele stabiliteit,angstgevoelens, impulsiviteit, het vermogen om gedachten te ordenen zijn voorbeelden van persoonlijke eigenschappen die van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling van een persoonlijkheidsstoornis . Een andere biologische factor is hersenbeschadiging. Na een hersenziekte, zoals een ontsteking of een hersenbeschadiging (door een ongeluk bijvoorbeeld), kan een persoonlijkheidsstoornis ontstaan.

- Psychologische factoren. Hierbij gaat het om bijvoorbeeld opvoeding en trauma's in de kinderjaren. Opvoedkundige en emotionele verwaarlozing (onvoldoende veiligheid, aandacht, begrenzing of begeleiding) bevorderen het ontstaan van een persoonlijkheidsstoornis. Ook trauma's als verlaten worden,een ongeluk, seksueel misbruik of mishandeling in de kinderjaren hebben daar invloed op. Verder kan een slecht ontwikkelde identiteit in de kinderjaren leiden tot een persoonlijkheidsstoornis.

- Sociale factoren. Zoals gezinsomstandigheden, maatschappelijke positie en levensstandaard.
Waarschijnlijk is het zo dat de psychologische en sociale factoren bepaalde erfelijke karaktereigenschappen versterken waardoor er een persoonlijkheidsstoornis ontstaat. Er zijn echter ook beschermende persoonlijkheidstrekken (zoals doorzettingsvermogen) en sociale en psychologische factoren die er juist voor kunnen zorgen dat iemand geen persoonlijkheidsstoornis ontwikkelt of er minder last van heeft. Verder blijkt uit onderzoek dat sommige kinderen uit sterk verstoorde gezinnen zich toch normaal kunnen ontwikkelen, als er maar mensen in de omgeving zijn aan wie zij zich kunnen hechten en met wie zij zich kunnen identificeren.

Publiek

Telefoon 0900-1450 (15 cpm)
(ma t/m vr 9:00 - 18:00 )

E-Mail vraag@korrelatie.nl

Chat Chathulpverlening
(ma t/m vr  9:00 - 17:30)

 

  

  

Webpoll:

Op vakantie gaan ervaar is als

Stem hier